
De nacht hangt zwaar boven het kerkhof. De maan is dun en scherp als een mes. Tussen de grafstenen staan en roerloos, alsof ze eerst toestemming vragen aan de duisternis. Maar toestemming is overbodig.
Robby zet zijn metalen voet op de natte aarde en klapt een schop uit zijn onderarm. Het eerste geratel klinkt onnatuurlijk luid. Tronica scant de omgeving; haar ogen projecteren een koude blauwe straal over de grafstenen. “Geen menselijke aanwezigheid gedetecteerd,” zegt ze vlak. De naam op de steen Bea Pruym verdwijnt onder opspattende modder.
Ze graven zonder pauze. De aarde wijkt, laag na laag. Het hout van de kist verschijnt als een bleke wond in de grond. Robby tilt het deksel met een schokkende beweging open. De geur van stilstand stijgt op. Daar ligt juffrouw Pruym, haar gezicht grauw, haar handen netjes gevouwen. Alsof ze wacht op een laatste belsignaal.
Achter een naburige grafzerk beweegt iets. Annabel.Het kleine meisje in haar dunne lijkwade vol maden staat stil, haar blote voeten raken de grond niet helemaal. Haar zwarte haar hangt slap langs haar bleke ingevallen wangen. Haar ogen zijn te groot voor haar gezicht. Ze kijkt toe. Zonder te knipperen.
Tronica laat kabels uit haar polsen glijden. Ze prikken in het koude vlees. Robby activeert een pulserend apparaat; het licht flikkert over de grafstenen en raakt even Annabels gezicht. Ze glimlacht niet. Ze huilt niet. Ze kijkt.
Een schok trekt door het lichaam van de juffrouw. Haar vingers krommen. Nog een schok. Haar rug spant zich als een gebroken pop die weer wordt opgewonden. De ogen van juffrouw Pruym springen open. Helder blauw licht brandt in de lege kassen. Haar hoofd draait schokkerig naar links, dan naar rechts. “Les begint,” klinkt haar stem, met een metalen echo.
De wind steekt op. De takken krassen over elkaar als nagels. Annabel kantelt haar hoofd. Haar mond opent langzaam, alsof ze iets wil zeggen maar er komt geen geluid. Tronica sluit tevreden haar kabels terug. Robby staat recht. En terwijl de nieuwe cyborg-juffrouw uit de kist stapt, blijft Annabel kijken zlsof zij al veel langer wacht.
Wat dit allemaal te betekenen heeft lezen we hier later wel. Nu geen nachtmerries opdoen.
Doei !
🙂








